Blog Datum: 05-04-2018

Geld lenen van je eigen onderneming

Wat zijn eigenlijk de gevolgen van geld lenen van je eigen onderneming? Kan dit altijd zomaar? Zijn er voorwaarden verbonden aan een dergelijke lening aan jezelf als DGA? In deze blog bieden we je meer duidelijkheid over geld lenen van je eigen onderneming.

Geld lenen als DGA

In deze blog gaan we ervan uit dat je Directeur Groot Aandeelhouder (DGA) bent van je eigen BV, een besloten vennootschap dus. De genoemde situaties zijn specifiek voor deze doelgroep en minder voor ondernemers met een rechtsvorm als de eenmanszaak of de vof. Dit komt omdat er niet of nauwelijks verschil is tussen het privé en zakelijk vermogen bij een eenmanszaak of vof. (Lees dit artikel als je een eenmanszaak of vof hebt en wilt weten wanneer het zinvol is om deze om te zetten naar een bv.)

Geld lenen van je eigen besloten vennootschap is niets nieuws. Ondernemers lenen geld van hun eigen onderneming voor de aankoop van een woning of auto. Dat mag, zolang je maar voldoet aan de zakelijke voorwaarden waarover we in deze blog meer gaan vertellen.

Voordat we daartoe overgaan, is het belangrijk om het verschil tussen een lening en een rekening-courant met je onderneming duidelijk te hebben.

Verschil tussen een lening en rekening-courant krediet

Waarom is het belangrijk om het verschil te identificeren tussen een lening en een rekening-courant? Is er sprake van een lening, dan dient deze lening volgens de normen van de Belastingdienst te voldoen aan de zakelijke voorwaarden, inclusief afspraken over rente en aflossingen. Hier gaan we verderop in deze blog op in.

Wat is een rekening-courant?
Een rekening-courant is een rekening waar vaker bedragen over en weer worden geboekt tussen je privérekening en de rekening van jouw onderneming. Deze bedragen worden continu met elkaar verrekend.

Dit kan bijvoorbeeld zijn wanneer je vanuit je onderneming privérekeningen betaald. Of wanneer je iets vanuit je privérekening voorschiet dat eigenlijk voor je onderneming is.

Deze bedragen, die over en weer gaan, zijn vaak kleine bedragen. De Belastingdienst verstaat onder ‘klein’ een bedrag van € 17.500,-. Staat er op enig moment meer dan € 17.500,- op de rekening-courant? Dan valt het totale bedrag onder een lening en dien je rente te gaan betalen. Ook al is het bedrag op de rekening-courant slechts heel kort hoger dan deze grens van € 17.500,-, zal je toch rente moeten berekenen. Houd daarom de hoogte van je rekening-courant het hele jaar door goed in de gaten.

Let op: heb je een leningsovereenkomst gesloten tussen je onderneming en jezelf, dan telt dit als een rentedragende lening, ongeacht het bedrag. Heb je bijvoorbeeld een 10-jarige lening afgesloten tussen jou en je onderneming van € 16.000,-, dan telt dit toch als lening, ongeacht het bedrag dat lager is dan € 17.500,-.

Zakelijke voorwaarden

Is er wel sprake van een lening, dan dient deze lening te voldoen aan de zogenaamde zakelijke voorwaarden: de voorwaarden die je onderneming ook zou stellen wanneer het geld aan een derde wordt uitgeleend. Denk bijvoorbeeld aan aflossingstermijnen en rentepercentages. Aan een derde zou je onderneming ook geen aflossingsvrije 0% rentedragende lening verstrekken, toch?

Welk rentepercentage houd je aan?
Let op: bij de bepaling van een zakelijk rentepercentage mag je niet uitgaan van een rentepercentage dat banken onderling berekenen of dat banken bij grote zakelijke klanten berekenen. De Belastingdienst stelt namelijk dat je onderneming een hoger risico loopt, wanneer de lening aan jou als privépersoon wordt verstrekt en dat je onderneming daar een risico-opslag over dient te berekenen.

Het te berekenen rentepercentage is afhankelijk van:

  • De rente op de markt voor particuliere beleggers, let er hierbij wel op dat je het rentetarief verhoogt met een opslag omdat het risico dat je onderneming loopt op de markt voor particuliere beleggers aan de Nederlandse staat een stuk lager is dan een lening aan een DGA.
  • Het risico dat je de lening niet terugbetaalt: hierbij geldt dat hoe hoger het risico dat je de lening niet terugbetaalt, hoe hoger het rentepercentage.
  • Of het rentetarief vast is of variabel: bij een vaste rente wordt het rentepercentage hoger dan wanneer met een variabele rente gerekend wordt.

Naast aflossingsperiode en rentepercentage valt er te denken aan de volgende voorwaarden die aan kunnen tonen of een lening zakelijk is of niet:

  • Gestelde zekerheden, afhankelijk van het risico dat de onderneming loopt. Een omvangrijke lening zonder onderliggende zekerheden (bijvoorbeeld een pandrecht), kan als niet-zakelijk worden beschouwd.
  • Zijn er afspraken gemaakt over het terugbetalen van de lening? Hierbij gaat het om de afspraken die gemaakt worden over de datum van terugbetalen en welke bedragen er iedere keer worden betaald. Er kan bijvoorbeeld worden opgenomen dat ieder jaar op 31 december een tiende van de totale lening wordt afgelost. De aflossingsperiode is in dat geval tien jaar.
  • Belangrijk is om na te gaan of je onderneming aan de lopende verplichtingen kan voldoen. Neem je een zodanig hoog bedrag op van je eigen onderneming, dat leveranciers niet meer betaald kunnen worden, dan kan deze lening als niet zakelijk worden gezien.

Het advies is om de leningsvoorwaarden op te nemen in een leningsovereenkomst en deze door zowel de onderneming als jouzelf als DGA te ondertekenen. Een NOAB-adviseur kan je helpen bij het opstellen van een dergelijke overeenkomst. Op deze manier kun je eventuele latere misverstanden voorkomen.

Wat als je niet voldoet aan de zakelijke voorwaarden?
Je kunt op twee manieren niet-zakelijk handelen wanneer je geld leent van je eigen onderneming:

  • De lening voldoet niet aan bovengenoemde zakelijke voorwaarden;
  • Je komt de afspraken niet na die in de overeenkomst zijn opgenomen (bijvoorbeeld aflossingen en rente).

Is de Belastingdienst van mening dat je onzakelijk handelt met betrekking tot de lening, dan kan de Belastingdienst de lening als inkomen beschouwen. Hierover dien je belasting en eventuele boete te betalen.

Samengevat zijn de zakelijke voorwaarden van een lening:

  • Zakelijk rentepercentage;
  • Afspraken omtrent aflossingsperiode en terugbetalen;
  • Gestelde zekerheden; en
  • Continuïteitsrisico van de onderneming.

Verwerken in de aangiften

De lening wordt op twee momenten verwerkt in twee verschillende aangiften:

  • Je neemt het bedrag van de lening op in je aangifte inkomstenbelasting (privé); en
  • De onderneming zet het bedrag in de aangifte vennootschapsbelasting (zakelijk).

Vragen

Heb je vragen over het lenen van geld van je eigen onderneming? Heb je hulp nodig bij het opstellen van een leningsovereenkomst met je onderneming? Vraag dan advies aan je NOAB-adviseur.

Verder lezen over geld en financiën

Lees ook eens deze artikelen:

Vind een NOAB-kantoor bij jou in de buurt

NOAB kantoor zoeken

Zoeken binnen de kennisbank